Wat is een realistisch franchisefee percentage?
Een franchisefee percentage ligt doorgaans ergens tussen een paar procent en circa tien procent van de omzet, maar dat cijfer alleen zegt weinig zonder de andere terugkerende kosten erbij op te tellen. Naast de franchisefee betaal je in veel formules ook een vaste maandbijdrage, een aparte marketingfee en soms een prijsopslag via verplichte inkoop bij de formule. Pas als je al die posten samen optelt en afzet tegen je brutomarge in plaats van tegen je omzet, krijg je een eerlijk beeld van wat een franchiseformule je werkelijk kost.
Veel aspirant-franchisenemers rekenen zich rijk door alleen naar het percentage op omzet te kijken. Dat is precies de denkfout die dit artikel uitlegt: waarom je moet rekenen op brutomarge, en hoe je de verschillende kostenposten uit elkaar houdt voordat je een franchiseovereenkomst tekent.
Waarin verschillen franchisefee, maandbijdrage, marketingfee en verplichte inkoop?
Dit zijn vier aparte kostenposten met elk een ander doel en een andere rekenbasis, en formules combineren ze op uiteenlopende manieren. Sommige franchisegevers vragen alleen een percentage over de omzet, andere werken met een vast maandbedrag ongeacht de omzet, en weer andere verdienen vooral via de marge op verplichte inkoop. Het is essentieel om per formule te achterhalen welke combinatie van toepassing is.
Franchisefee op omzet
- Een percentage dat je periodiek afdraagt over je gerealiseerde omzet, meestal maandelijks.
- Bedoeld als vergoeding voor het gebruik van de formule, het merk en de ondersteuning.
- Stijgt automatisch mee met je omzet, wat bij hoge omzet en lage marge zwaar kan drukken op het resultaat.
Vaste maandbijdrage
- Een vast bedrag, onafhankelijk van hoeveel je omzet draait.
- Dekt vaak centrale diensten zoals ICT, administratie of een helpdesk.
- Voelt in de startfase relatief zwaar, omdat de omzet nog moet opbouwen terwijl de bijdrage al volledig verschuldigd is.
Marketingfee
- Een aparte bijdrage, vaak eveneens een percentage van de omzet, specifiek bestemd voor landelijke of regionale marketing.
- Soms gescheiden van de franchisefee, soms erin verwerkt — vraag dit altijd expliciet na.
- Niet altijd inzichtelijk hoe het budget precies wordt besteed; vraag naar verantwoording achteraf.
Verplichte inkoop bij de formule
- Veel franchiseketens verplichten afname van producten, grondstoffen of diensten via een centrale leverancier of de franchisegever zelf.
- De marge die de franchisegever op die inkoop maakt, is een vorm van verdienmodel die vaak niet in het fee-percentage wordt meegeteld.
- Dit kan de werkelijke kostendruk flink hoger maken dan het officiële franchisefee percentage doet vermoeden.
Waarom is omzet de verkeerde rekenbasis?
Omzet is de verkeerde rekenbasis omdat twee formules met exact hetzelfde franchisefee percentage totaal verschillende lasten kunnen opleveren, afhankelijk van de brutomarge die de onderneming behaalt. Een winkelformule met een brutomarge van rond de dertig procent voelt een omzetgebonden fee heel anders dan een dienstverlenende formule met een marge van zeventig procent. Reken daarom altijd door naar het percentage van de fee ten opzichte van de brutomarge, niet van de omzet.
Stel dat een franchisefee vier procent van de omzet bedraagt. Bij een brutomarge van dertig procent komt dat neer op ruim dertien procent van de marge; bij een brutomarge van zeventig procent is dat nog geen zes procent. Het verschil tussen die twee scenario's bepaalt in de praktijk of er na aftrek van personeel, huisvesting en overige kosten nog voldoende overblijft om van te leven. Dit is dan ook de kern van de denkfout: een laag ogend percentage op omzet kan bij een lage marge alsnog een zware last zijn, terwijl een hoger percentage bij een ruime marge heel behapbaar blijft.
Zo bereken je het totale terugkerende kostenpercentage
- Breng alle terugkerende kosten in kaart: franchisefee, vaste maandbijdrage, marketingfee en de geschatte meerprijs van verplichte inkoop ten opzichte van vrije inkoop.
- Zet elk bedrag om naar een jaarbedrag, zodat vaste en variabele kosten vergelijkbaar worden.
- Deel de som van al die kosten door de verwachte brutomarge van het jaar, niet door de omzet.
- Vergelijk die uitkomst met wat er daarna nog nodig is voor personeel, huur, afschrijvingen en een redelijke beloning voor de ondernemer zelf.
Welke vragen stel je aan een franchisegever over de kostenstructuur?
Stel concrete vragen over elk onderdeel van de kostenstructuur voordat je een handtekening zet, en vraag altijd om de onderliggende cijfers in plaats van alleen het percentage. Een serieuze franchisegever licht de opbouw van de fees transparant toe en laat zien hoe bestaande vestigingen presteren op brutomarge na aftrek van alle terugkerende kosten.
- Is de marketingfee apart van de franchisefee, en hoe wordt er verantwoording afgelegd over de besteding?
- Welke producten of diensten moet je verplicht afnemen, en wat is daarop de prijsopslag ten opzichte van de markt?
- Hoe verhoudt de vaste maandbijdrage zich tot een realistische omzet in de opstartfase?
- Kan de franchisegever voorbeelden geven van de brutomarge die vergelijkbare vestigingen behalen?
Deze informatie hoort thuis in het precontractuele traject onder de Wet franchise. Tijdens de standstill-periode van vier weken voorafgaand aan de ondertekening mag de franchisegever het voorstel niet meer in jouw nadeel wijzigen en geen betalingen of investeringen van je vragen, wat je de ruimte geeft om de kostenstructuur rustig door te rekenen en eventueel een adviseur te raadplegen.
Hoe vergelijk je formules eerlijk op terugkerende kosten?
Je vergelijkt formules eerlijk door niet naar het losse franchisefee percentage te kijken, maar naar het totale terugkerende kostenpercentage op brutomarge, inclusief marketingfee en de verborgen marge op verplichte inkoop. Twee formules uit dezelfde sector kunnen op papier vergelijkbaar ogen, terwijl de werkelijke lastendruk flink uiteenloopt zodra je alle posten optelt.
Op het overzicht van franchiseformules vind je uiteenlopende concepten uit verschillende sectoren, van retail tot dienstverlening, elk met een eigen kostenopbouw. Denk aan de verschillen tussen een winkelformule als HEMA en een dienstverlenende formule als Hypotheek Visie: de brutomarges en dus de impact van eenzelfde fee-percentage liggen volstrekt anders. Vraag bij elke formule die je serieus overweegt om een volledig overzicht van de terugkerende kosten, en reken dat zelf door naar jouw eigen verwachte brutomarge voordat je conclusies trekt.
Blijf op de hoogte
Kostenstructuren, wetgeving en marktomstandigheden veranderen. Via het laatste franchisenieuws blijf je op de hoogte van ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op fee-afspraken en de manier waarop formules hun verdienmodel inrichten.